Geschreven door: Marinho
Werken met gevoelige thema’s in het jeugdtheater - Drie perspectieven op werken met jongeren en theater
Wat gebeurt er wanneer een voorstelling schuurt? Wanneer een leerling zich afsluit, lacht op een ongemakkelijk moment of zichtbaar weerstand toont tegen een thema?
Jongeren groeien op in een complexe samenleving. Onderwerpen zoals ongelijkheid, identiteit en mentale gezondheid zijn voortdurend aanwezig. Niet alle thema’s of onderwerpen sluiten aan met de overtuigingen die ze hebben. Dat kan wringen. En juist op zo’n moment ontstaat weerstand.
Hoe kun je daar als jeugdprofessional mee om gaan? Is weerstand per definitie slecht? Welke rol kan theater spelen? En wat maakt de dialoog zo belangrijk?
Aan de hand van 3 artikelen nemen we je graag mee voor mee tekst en uitleg rondom dit onderwerp
Aan de hand van drie artikelen uit de Theaterkrant verkennen we drie perspectieven: weerstand als motor van dialoog, veiligheid in het werken met gevoelige thema’s en het spanningsveld tussen artistieke ambitie en de leeromgeving van jongeren.
Artikel 1 - Wie Wat Weerstand. Nieuwe woorden voor weerstand in het jeugdtheater
Wat zie je als professional wanneer een leerling zichtbaar afhaakt? Is dat onwil? Desinteresse? Of gebeurt er iets anders? In het artikel “Wie Wat Weerstand” stelt Tim Lafeber een belangrijke vraag:
“.. Is weerstand per definitie problematisch? Volgens mij niet. Ik heb namelijk vooral veel geslaagde ontmoetingen tussen leerlingen en podiumkunst meegemaakt, ongeacht de thematiek, waarbij weerstand juist een cruciale rol speelde. Het opent luikjes, zet iets op het spel en is vaak de motor van dialoog.”
Maar wat is de oorzaak van weerstand? Je kunt weerstand in verschillende contexten en fases plaatsen. Een leerling kan weerstand ervaren bij theater als vorm of bij het onderwerp van de voorstelling. Als de weerstand komt uit het theaterbezoek kan het ontstaan omdat het een leerling geconfronteerd wordt met iets abstracts. Een leerling moet daarbij vaak verplicht lang geconcentreerd zijn, diens aandacht erbij houden en stil zijn. Dit wordt ook wel receptieve weerstand genoemd.
Als de weerstand ontstaat aan de hand van het onderwerp van de voorstelling, dan kan dat ontstaan door thema’s zoals bijvoorbeeld seksuele of culturele diversiteit. Dit wordt, naast receptieve weerstand, inhoudelijke weerstand genoemd.
Als weerstand bewust is ingezet om iets los te maken, vraagt dat om begeleiding die ruimte laat voor frictie. Ontstaat weerstand onverwacht, dan kan het nodig zijn om eerst de veiligheid te herstellen voordat het gesprek verdiept kan worden.
“De docenten gaven aan dat in sommige gevallen de kenmerkende blokkade van obstructieve weerstand achteraf in het klaslokaal deels kan worden opgeheven, bijvoorbeeld in nagesprekken of reflecterende opdrachten. De leerlingen zijn hun weerstand nog niet volledig kwijt, maar staan opnieuw open voor uitwisseling over hetgeen ze eerder afwezen.”
Dit laat het belang van de dialoog zien, voor en na een voorstelling. Zo kan weerstand gezien worden als kans om samen en onder begeleiding, luikjes te openen en te bespreken.
Lees er meer over via het artikel “Wie Wat Weerstand - Nieuwe woorden voor weerstand in het jeugdtheater” in de theaterkrant, van Tim Lafeber: https://www.theaterkrant.nl/tm-artikel/wie-wat-weerstand/
Artikel #2 - Laten borrelen in plaats van overkoken. Hoe zorgen theatermakers voor hun eigen veiligheid?
Theatermakers zouden veilig moeten kunnen werken wanneer zij voorstellingen maken over maatschappelijk gevoelige thema’s – zoals queer-identiteit, straatcultuur, jeugdzorg of gender. Maar hoe doe je dat zonder je artistieke vrijheid te verliezen? Zeker in een tijd waarin jongeren steeds feller reageren op onderwerpen die zij als gevoelig of omstreden ervaren.
Hoe ga je om met risico’s rond beeldvorming? Hoe bewaak je veiligheid zonder zelfcensuur? En hoe werk je met jongeren rond gevoelige thema’s zonder dat het escaleert?
Studio 52nd heeft een duidelijke aanpak wanneer het gaat over werken met jongeren rond gevoelige thema’s zonder dat het escaleert : geef ruimte aan álle perspectieven, ook wanneer ze botsen. Bijvoorbeeld bij de voorstelling Fok me hokje.
“We hebben dat al ingezet bij Fok me hokje, een voorstelling over gender en seksuele oriëntatie, daarin hebben we niet alleen de stem van lgbtqia+-ers betrokken, maar ook jongeren mee laten schrijven die afwijzend tegenover hen staan. In zo’n groep merk je dan dat er onderling begrip ontstaat, juist omdat er naar elkaar wordt geluisterd. Onder goede begeleiding uiteraard. We proberen steeds verschillende perspectieven erbij te betrekken, ook al botsen die onderling.”
Daarnaast worden tijdens voorstellingen ‘tussengesprekken’ ingezet, zodat direct kan worden ingespeeld op reacties vanuit de zaal. Op die manier kunnen spanningen gecontroleerd blijven. Ze mogen borrelen, maar hoeven niet over te koken.
Zoals in het artikel wordt beschreven: “We merken dat we in een realiteit leven waarbij er vanuit jeugdige toeschouwers steeds meer agressie is over zaken die ze zelf controversieel vinden, en we willen dat niet meer bedekken of meteen afkappen, maar het gesprek erover aangaan. Alleen zo kom je bij heling, door zelfs haatdragende taal te bevragen en onderdeel te laten zijn van de uitwisseling.”
Lees het volledige artikel van Marijn Lems in de Theaterkrant. Lees ook meer over het perspectief van X., een queer maker van kleur die veiligheid expliciet onderdeel maakt van diens artistieke praktijk: https://www.theaterkrant.nl/tm-artikel/laten-borrelen-in-plaats-van-overkoken/
Artikel #3 - Werken in twee werelden - Laveren tussen ambities en mogelijkheden
Hoe werk je met jongeren op een manier die zowel artistiek sterk is en ook bijdraagt aan hun ontwikkeling, zonder hun stem te vervormen voor het eindresultaat?
Bij studio 52nd worden jongeren gezien en ingezet als vertrekpunt, in de plaats van een inspiratiebron. Een tekst in een theaterstuk voor jongeren werkt alleen als het de authentieke woorden van de jongere zelf bevat. Het verhaal van jongeren moet dus niet worden aangepast met metaforen of moralistische lagen. Het moet juist versterkt worden zonder het te vervormen.
Dat vraagt vertrouwen in jongeren én in het proces. Door jongeren zelf hun verhaal te laten vertellen, verschuift ook het beeld dat andere jongeren van hen hebben. 'Theater kweekt zelfvertrouwen bij jongeren en verandert het soms negatieve beeld dat anderen van jongeren hebben’. Het gaat dus om wat er gebeurt in de ontmoeting tussen jongeren onderling én tussen jongeren en publiek.
Lees het volledige artikel van Iris Peters in de Theaterkrant en bekijk hoe Studio 52nd, Orkater en Black Sheep Can Fly laveren tussen artistieke ambitie en maatschappelijke impact: https://www.theaterkrant.nl/tm-artikel/werken-in-twee-werelden/